“Bedankt zeggen was ontzettend belangrijk!”

“Op 6 juni 2018, om 17.16 uur, kreeg ik een hartaanval in Simonis. Maar dankzij de interventie van jullie team kon ik tijdig met de ziekenwagen van de Brusselse brandweer naar het ziekenhuis gebracht worden. Mijn vrouw, mijn twee kinderen en ik willen ontzettend graag weten welke MIVB-medewerkers me geholpen hebben. We willen hen oprecht bedankt zeggen. We zijn echt onder de indruk van deze schitterende mensen die mijn leven gered hebben. Het heeft me echt geraakt! Ik kan niet in woorden uitdrukken wat ik voel!”

Via dit bericht op onze Facebook-pagina liet Brandon (23) weten dat hij graag de MIVB-ers wilde ontmoeten die zijn leven hadden gered. Enkele weken na de feiten zitten ze samen en halen ze zichtbaar geëmotioneerd herinneringen op.

“Ik herinner me haast niets meer. Het enige wat ik nog weet is dat ik van de bus stapte en in de ziekenwagen werd gedragen”, vertelt Brandon, een jonge vader van twee.
“Tussen die twee momenten is er wel heel wat gebeurd”, leggen veiligheidsmedewerkers Geoffrey, Anouar, Rachid en Abdellatif in koor uit. “Het is Abdel die meteen zag dat er iets niet juist was”, begint Rachid. “Je kwam uit bus 20 en begon te zwalpen”, gaat Abdel verder. “Dat trok meteen mijn aandacht. Ik ben naar je toe gegaan en liet je meteen neerzitten”.
Uit de eerste symptomen – een bleek gezicht, pijn aan de borst, tintelingen rond de mond – blijkt al snel dat het om een hartaanval gaat.

“Ik heb je vrouw gerustgesteld!”

In volle spits wordt het steeds drukker in het station. Alles gaat razendsnel. Elke veiligheidsagent heeft een duidelijk afgebakende taak: “Anouar nam onmiddellijk contact op met de dispatching die zo snel mogelijk een ziekenwagen stuurde. Op basis van de vastgestelde symptomen werd er ook meteen een MUG gevraagd”.

In afwachting bekommeren de agenten zich afwisselend om het slachtoffer. “We lieten hem praten en vroegen om ons de hand te schudden, zodat hij bij bewustzijn bleef”. Geoffrey bakent intussen een veiligheidszone af om te verhinderen dat er zich te veel pottenkijkers rond het slachtoffer verzamelen.
“Het is dus dankzij jou dat ik een beetje lucht kreeg”, zegt Brandon al lachend.
“Ik kreeg vervolgens je vrouw aan de lijn en heb haar gerustgesteld”, vertelt Rachid tegen de jongeman.

“Hoe oud zijn je kinderen?”

De hulpdiensten zijn snel ter plaatse en voeren Brandon af naar het ziekenhuis. Het spreekt voor zich dat de veiligheidsagenten zich zorgen maken over zijn toestand. De situatie veroorzaakt niet alleen een intense professionele stress bij de vier medewerkers, maar raakt hen ook als vader. “Hoe oud zijn je kinderen?”, vragen ze. “Twee en een half jaar en zes maanden”, antwoordt Brandon.
“Dat is jong. Ze hebben hun papa nodig”. De vier vertellen hem nog snel dat hij goed voor zichzelf moet zorgen.

Onze medewerkers krijgen regelmatig met dit soort interventies te maken, maar weten vaak niet hoe ze aflopen. “We zien de ziekenwagen vertrekken, maar weten niet wat er nadien gebeurt. Dit is de eerste keer dat we feedback krijgen”.

En dat vooral dankzij het bericht van Brandon op Facebook. “Voor mij was dat ontzettend belangrijk. Het is prachtig om te zien dat deze mensen zoveel voor mij gedaan hebben. En bovendien bleef het daar niet bij. Ze moesten op hetzelfde moment ook nog de veiligheid in het station in de gaten houden. De sociale netwerken dienen vaak om ons ongenoegen te uiten maar we moeten ook van ons laten horen als we blij zijn!”