Opleiding: hoe word je een trambestuurder of buschauffeur bij de MIVB?

Hoewel een bus of een tram besturen makkelijk lijkt, is dat in werkelijkheid niet helemaal het geval. Het vergt meer dan 6 weken theoretische en praktische opleiding en verschillende examens om de “ster van het MIVB-net” te worden. Welke  stappen moet je als kandidaat-bestuurder doorlopen? En hoe ziet een bus- en tramopleiding er uit bij de MIVB? We hebben het voor jou getest!

Solliciteren bij de MIVB

Voor een goede trambestuurder of buschauffeur gaan we op zoek naar iemand met specifieke kwaliteiten. Je moet vooral stressbestendig en flexibel zijn en houden van contact met klanten.. Heb je dat in je? Stel je dan kandidaat op onze website https://jobs.stib-mivb.be.

Zodra jouw CV is bekeken en aanvaard, ontvang je een uitnodiging voor de proeven. De eerste test die je moet afleggen is een redeneringsproef op de computer,  gevolgd door een persoonlijkheidsvragenlijst. Je moet dit succesvol afronden om naar de volgende ronde te gaan. Lukt dat dan staat een interview met de rekruteerder op het programma.

Om buschauffeur te worden moet je ook een examen afleggen over de verkeersregels dat je met succes moet afronden. Tenslotte onderga je nog een medische keuring, alvorens je contract te ondertekenen en je aan de opleiding begint.

Opleiding trambestuurder

Wanneer je wordt geselecteerd om trambestuurder te worden, volg je een opleiding die ongeveer 30 werkdagen of 5 à 6 weken duurt.

De reis begint met een eerste kennismaking met de tram: voorstelling van de stuurpost, de verschillende knoppen, een eerste klein stukje rijden en andere voorbereidingen.

Tegelijkertijd geven de opleiders je een reeks theoretische cursussen, vooral de eerste twee dagen. Je leert  in de eerste plaats de verkeersregels kennen. Je ontdekt bijvoorbeeld dat de tram niet moet houden aan de wegcode, maar heel eigen regels moet respecteren. Een tram is immers een spoorvoertuig met heel specifieke eigenschappen. Daarna  vergaar je de nodige technische en technologische kennis over van de verschillende voertuigen:  werking, stuurpost, type remmen, …

Omdat de MIVB grosso modo twee type trams heeft, zijn er twee types van opleidingen. één voor besturing van zogenaamde PCC-tram en één voor zogenaamde lagevloertrams. De PCC’s zijn de oude trams, zoals diegene dat op lijn 51 rijden. Lagevloertrams zijn de modernere T2000 (lijn 62), T3000 en T4000 (lijn 3-4 bijvoorbeeld).

De technologie  van deze twee soorten voertuigen is heel verschillend en dus ook de opleiding. Dat wil zeggen dat een bestuurder die  overschakelt van een PCC op een lagevloertram, of omgekeerd, een nieuwe opleiding moet volgen.

Examens

Na twee dagen theorie krijg je als kandidaat een eerste lijst met 40 vragen voorgeschoteld om je voor te bereiden op de toekomstige examens. In die examens moet je slagen om de opleiding verder te kunnen zetten.

Daarna mag je een dag in de simulator kruipen. De MIVB heeft drie ruimtes gewijd aan PCC en lagevloertrams. Je leert er hoe je een tram moet depanneren. Dat is heel belangrijk, want een bestuurder moet in staat zijn om zelf de tram te depanneren in geval van kleine defecten. Tijdens deze simulatordagen leer je ook hoe je na een gesimuleerde panne contact moeten opnemen met de dispatching.

Vanaf de tweede dag rijd je al op het net vanuit de stelplaats in Haren. Tegelijkertijd gaat de praktische en theoretische opleiding verder:

  • Simulatie van een ongeval op het net
  • Hoe neem ik contact op met de dispatching?
  • Leren geconcentreerd te blijven tijdens het rijden
  • Hoe koppel je een tram?
  • Beheer van vervoersbewijzen
  • Administratief beheer (rittenblad, persoonlijk dossier bij de MIVB…)
  • Evacueren in een tunnel (lees ons artikel over de “EvacTunnel”)

Ondertussen leg je allerlei examens en rijproeven af. De druk ligt relatief hoog, want als je voor één van de examens zakt, moet je de opleiding verlaten… Maar van de kandidaten die beginnen aan de opleiding, slagen 9 op de 10 voor hun examen. Daarna breekt de laatste week aan waarin je samen met een een instructeur) op het net rijdt. Je doet dat net zoals in het echt, met klanten aan boord.

PCC of lagevloertram?

Dat hangt af van het depot waarin je start en de behoeften van de depots. Het berust louter op “geluk” of “toeval”. En zelfs indien we bestuurders hebben die bij voorkeur met een PCC (of lagevloertram) rijden, moeten ze nog steeds veelzijdig zijn en zullen ze later in het andere type voertuig worden opgeleid.

Met de komst van onze nieuwe trams, de TNG (Tram New Generation), moeten we ook de bestuurders zo goed mogelijk voorbereiden. De nieuwe trams zijn immers veel moderner en digitaler! Onze opleiders zijn de dikke syllabus al aan het instuderen en er wordt een nieuwe simulator gebouwd.

Opleiding buschauffeur

De opleiding tot buschauffeur lijkt misschien eenvoudiger, maar in werkelijkheid is ze dat helemaal niet. Je moet weten dat om beroepschauffeur te worden je in het bezit moet zijn van het attest “vakbekwaamheid”. De MIVB biedt je de mogelijkheid dit te behalen, mocht je nog geen attest hebben.

Net als op de tram neemt de opleiding ongeveer 7 weken in beslag. Je leert meteen een echte bus besturen met, net als bij de rijschool, een dubbel besturingssysteem voor de instructeur. Trainers en instructeurs geven de praktijklessen. Bij de MIVB begeleiden de instructeurs jou op het net en leren ze je de reiswegen, de bijzonderheden van de lijnen, … En ook al geven we rijlessen, we zijn geen rijschool: we zijn een opleidingscentrum.

De eerste 14 dagen rijd je op een oefenterrein om te leren manoeuvreren en de bus aan te voelen. Daarnaast krijg je ook theoretische lessen. De dag is telkens verdeeld in een halve dag theorie en een halve dag praktijk. Het principe van de opleiding blijft hetzelfde als voor de tram. We beginnen met een verwelkoming en theoretische cursussen om de voertuigen van de MIVB en de verkeersregels te leren kennen. De leerlingen doen meteen de eerste praktische testen met een standaardbus op het oefenterrein  in Haren. Dat plein is speciaal aangelegd voor het opleidingscentrum van de MIVB. Op dit terrein staat een combinatie van kegels en obstakels dicht bij mekaar om onze toekomstige bestuurders te leren met de bus te manoeuvreren.

Tegelijk neemt ons opleidingscentrum ook een reeks theorie- en rijexamens af. Net als bij de tram  moet je verplicht slagen, of je valt af. Bij de bus is het de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel (GOB) die deze examens afneemt.

Vakbekwaamheid

Op de 14e dag leggen de kandidaat-chauffeurs hun examen “vakbekwaamheid” af voor manoeuvers en basisvaardigheden. Als alles goed gaat, gaan de toekomstige bestuurders op de 15e dag van de opleiding gedurende 8 dagen de openbare weg op. Daarna volgt het “stadsexamen” op de 27e dag, waar door de GOB-mobiliteit erkende examinatoren het rijgedrag van de kandidaat evalueren. In dit stadium kan je, als je voor alle voorafgaande examens bent geslaagd, jouw rijbewijs D behalen.

Maar daar houdt de opleiding niet op, want er is nog het hele “MIVB”-gedeelte dat je moet leren: administratief beheer, alle types vervoersbewijzen, het rittenblad, … De MIVB heeft ook tal van bijkomende opleidingsmodules, zoals de Alterno-opleiding, die je in staat stelt omleidingen te beheren, of opleidingen over nieuwe voertuigen (zoals hybride of elektrische voertuigen). Net als bij de tram slagen bij de bus 9 op de 10 kandidaten. Dat is zeer bemoedigend! We leiden elk jaar honderden chauffeurs op. In 2020 waren het er 284 , waarvan 252 nu buschauffeur zijn.

Solliciteer bij de MIVB!

Heeft dit je overgehaald om te solliciteren voor bus- of trambestuurder? Wij namen de uitdaging voor jou aan en kropen zelf in de simulator en in de stuurpost. We namen een kijkje achter de schermen en gingen alles zelf testen op het terrein.

Recht uit het hart van ons social media team: petje af voor onze chauffeurs en bestuurders. Rijd maar eens in het drukke Brusselse verkeer met een zware tram of grote bus…