7 weetjes over onze voertuigen en de wegcode

Sinds 1 oktober 2022 zijn er nieuwe regels en wijzigingen aangebracht in het Belgische verkeersreglement. Maar hoe zit het met het openbaar vervoer in Brussel? En hoe goed ken jij onze verkeersregels? Je leest er alles over in deze blogpost.

7 handige weetjes uit de wegcode

Wist je dat de tram altijd voorrang heeft? Of dat je een bus altijd voorrang moet geven wanneer hij zijn halte verlaat en dat met zijn richtingaanwijzer aangeeft? Even deze 7 belangrijke regels van de wegcode en het openbaar vervoer op een rijtje.

  1. Bussen hebben voorrang bij het verlaten van hun halte in de bebouwde kom, zodat ze na het oppikken van passagiers makkelijker het verkeer terug in kunnen. Als de bestuurder de richtingaanwijzer heeft aangezet om de halte te verlaten, moet je voorrang verlenen.
  2. Wees voorzichtig wanneer een voertuig net gestopt is: voetgangers, die net uitgestapt zijn, zijn zeker niet ver weg!
  3. Eigen beddingen worden aangegeven door een verkeersbord (F18, zie hieronder) en zijn herkenbaar aan het geruite patroon op de grond. Een doorlopende witte lijn scheidt ze van de rest van de weg. Ze zijn enkel bedoeld voor de voertuigen aangegeven op het verkeersbord. Je kan zo’n eigen bedding alleen zelf gebruiken om op een kruispunt over te steken, om een obstakel op de weg te ontwijken of een naburig terrein te betreden.
  4. De “busbaan” of “busrijstrook” daarentegen wordt aangekondigd met een ander bord (F17, zie hieronder) en afgebakend door brede stippellijnen. Je mag er zelf gebruik van maken wanneer je bij het volgende kruispunt afslaat.
  5. Wanneer je op een busbaan rijdt of een eigen bedding doorkruist, moet je je houden aan eventuele speciale verkeerslichten voor bussen en trams.
  6. De tram heeft altijd voorrang omdat het een spoorvoertuig is: hij kan niet van zijn traject afwijken om een obstakel te vermijden en hij heeft minder grip dan een voertuig op de weg. Het is ook een zwaarder voertuig, en plots remmen zou de passagiers die het vervoert kunnen verwonden.
  7. Wees alert en voorzichtig: wanneer je achter de bus of tram aanrent, je naar muziek luistert of aan de telefoon bent wanneer je de weg oversteekt. Hou onze voertuigen steeds goed in het oog, want een ongeluk is snel gebeurd!

Zoals gezegd zijn bussen en trams zeer zware voertuigen (een T4000 tram weegt zonder passagiers bijvoorbeeld 51,8 ton) en onze reizigers zitten niet vastgegordeld. Je loopt dus beter niet in de weg, voor onze en jouw veiligheid.

Lees ook:

Hoe goed ken jij de wegcode?

We dagen je uit! Doe mee met onze quiz en test jouw kennis.